Deze indrukwekkende eik staat bij Les Rues Éon, net buiten Concoret, langs de weg richting Tréhorenteuc. De gedraaide, holle stam en enorme afmetingen maken hem tot een van de meest opvallende bomen in de omgeving van Brocéliande. In het nabijgelegen bos staan nog andere beroemde oude bomen, zoals de Chêne des Hindrés en de Hêtre de Ponthus. De boom stond vroeger bekend als de Chêne des Rues Éon en kreeg vanaf de jaren 1970 de naam Chêne à Guillotin.
Highlights en activiteiten
De Chêne à Guillotin is een levend natuurmonument. Het is een zomereik (Quercus robur) met een stamomtrek van ongeveer 9,6 meter en een hoogte van circa 15 tot 20 meter, hoewel de gepubliceerde metingen verschillen. De stam is al eeuwenlang hol, waardoor een traditionele datering aan de hand van jaarringen niet mogelijk is. Hierdoor blijft de exacte leeftijd van de boom onzeker. Lokale toeristische bronnen spreken traditioneel over een leeftijd van ongeveer 1.000 jaar, terwijl een inventaris van het departement Morbihan een voorzichtiger schatting van ongeveer 500 jaar geeft.
De boom heeft actieve bescherming nodig gehad. De gemeente verwierf het terrein rond 2000, waarna het Office national des forêts (ONF) betrokken raakte bij de bescherming van de eik. Er werd een houten constructie geplaatst om schade door bezoekers te beperken, maar deze werd in 2019 verwijderd vanwege zorgen over de gezondheid van de boom. Tegenwoordig kunnen bezoekers de eik achter een beschermende omheining bekijken. Het is niet toegestaan om de boom te benaderen of aan te raken.
Legenden, folklore en mythen
Het bekendste verhaal gaat over Pierre-Paul Guillotin, een priester uit Concoret die tijdens de Franse Revolutie weigerde de eed van trouw aan de revolutionaire overheid af te leggen. Volgens een latere lokale traditie verschool hij zich in de holle eik toen hij werd achtervolgd door Republikeinse soldaten. Een spinnenweb zou de ingang hebben verborgen, waardoor de soldaten dachten dat niemand de boom recentelijk kon zijn binnengegaan. In sommige versies van het verhaal werd de spin gestuurd of geholpen door Notre-Dame de Paimpont. Historisch onderzoek laat echter zien dat de verbinding tussen dit specifieke verhaal en de eik pas relatief laat ontstond: de eerste literaire vermelding van de boom dateert uit 1896, terwijl de expliciete identificatie van de eik als schuilplaats van Guillotin pas vanaf 1979 in toeristische literatuur en latere publicaties over de lokale folklore verschijnt.
Een tweede traditie verbindt de eik met Éon de l'Étoile, een religieuze dissident uit de 12e eeuw wiens naam nog voortleeft in Les Rues Éon. De boom stond vroeger bekend als de Chêne des Rues Éon en werd in latere volksverhalen verbonden met een vermeende schat van Éon. Daarnaast ontstond rond de boom een traditie waarin hij geneeskrachtige eigenschappen kreeg toegeschreven. Volgens de lokale folklore zouden zieke mensen de eik hebben opgezocht vanwege zijn vermeende helende kracht.
Bereikbaarheid en bezoekersinformatie
De Chêne à Guillotin is bereikbaar via de weg tussen Concoret en Tréhorenteuc, de D141. Op ongeveer 100 meter van de boom bevindt zich een parkeerplaats voor bezoekers met een picknickplek; het laatste stuk wordt te voet afgelegd. Omdat de boom kwetsbaar is en er takken kunnen afbreken, moeten bezoekers achter de beschermende omheining blijven en mogen ze de eik niet aanraken of beklimmen. Wie verder het bos van Brocéliande in trekt, wordt aangeraden de gemarkeerde routes te volgen en rekening te houden met eventuele tijdelijke toegangsbeperkingen.