Hunebed D10 is een bescheiden megalithisch grafmonument in het natuurgebied de Gasterse Duinen. Het hunebed is goed herkenbaar aan de twee overgebleven dekstenen, die nog steeds rusten op grotendeels intacte draagstenen aan de zijkanten en uiteinden. Oorspronkelijk bestond het monument uit vier dekstenen, maar het ontbreken van twee daarvan doet weinig af aan de krachtige uitstraling van de plek. Het hunebed ligt in een open, zanderig landschap met heidevelden en is vooral indrukwekkend in de nazomer, wanneer de bloeiende heide het gebied paars kleurt. D10 maakt deel uit van een groep hunebedden in deze omgeving.
Archeologische en historische vondsten
Net als andere hunebedden in Drenthe wordt Hunebed D10 toegeschreven aan de Trechterbekercultuur, die actief was tussen ongeveer 3400 en 2850 voor Christus. Deze gemeenschappen verplaatsten enorme zwerfkeien om gemeenschappelijke grafkamers te bouwen. Het hunebed was oorspronkelijk afgedekt met vier grote dekstenen, waarvan er nu nog twee aanwezig zijn. De constructie bestaat uit rechtopstaande zij- en eindstenen die de dekstenen dragen en samen een grafkamer vormen, die vroeger bedekt was met een aarden heuvel. Bij vergelijkbare hunebedden zijn voorwerpen gevonden zoals aardewerk en werktuigen, wat wijst op een rituele betekenis. Voor Hunebed D10 zelf zijn echter geen opmerkelijke archeologische vondsten bekend.
Legendes, folklore en mythen
Uit historische documenten uit de renaissance blijkt dat Hunebed D10 lokaal bekend stond onder namen als “Duyffelskutte” en “De Kut van de Duivel”. Volgens volksverhalen bestonden er gebruiken waarbij mensen door de grafkamer kropen en daarbij speels werden bekogeld met mest, mogelijk als onderdeel van een gezamenlijke scherts- of spotrituelen, ook wel een charivari genoemd. Deze benamingen en tradities worden specifiek met D10 in verband gebracht, al doen vergelijkbare verhalen ook de ronde bij andere hunebedden in de regio.
Toegankelijkheid en bezoekersinformatie
Hunebed D10 is bereikbaar vanaf een parkeerplaats aan de Oudemolenseweg, net ten noorden van het dorp Gasteren. Vanaf daar leidt een zandpad ongeveer 150 meter naar het oosten door veenachtig heidelandschap. Het pad is licht glooiend en relatief vlak en loopt door omheind weiland. Voor de meeste wandelaars is de route goed te doen, maar door het losse zand en het natuurlijke terrein kan de toegankelijkheid voor rolstoelen beperkt zijn. Een bezoek aan Hunebed D10 is gratis.